Spruitjes met spek en krieltjes

“Ik lust dat niet.” Ik geef het toe, ik was daarvan overtuigd. Ook het lief moest wat mopperen toen hij de spruitjes in de koelkast zag liggen. Maar we zijn grote mensen nu, en moesten de spruitjes toch nog eens een laatste kans geven.
Het eindigde met verbijsterd staren naar een leeg bord. Dat was lekker. Dat was écht lekker.

Nodig (voor 2 personen)

  • 500 g spruitjes
  • 400 g krieltjes
  • 200 g gerookt spek in blokjes
  • 75 g versgeraspte parmezaanse kaas
  • 2 teentjes look
  • Verse rozemarijn
  • Olijfolie

Bereiding

Maak de spruitjes schoon. Snij hiervoor een klein stukje van de stronk, verwijder de buitenste bladeren en maak een kruisgewijze inkeping in de stronk (dan garen ze beter). Kook ze gedurende 5 minuten in kokend water en koel af in koud water. Laat uitlekken. Was de krieltjes, snij ze doormidden en kook ze ook gedurende 4-5 minuten. Ook hier weer afkoelen in koud water en laten uitlekken. Bak de spekblokjes kort aan op een hoog vuur zodat ze krokant zijn. Kieper dan alles samen in een ovenschaal. Pers de teentjes look erbij, verdeel er een tiental rozemarijnblaadjes over, en bestrooi met de parmezaanse kaas. Kruid met peper. Geen zout, want de kaas en het spek zijn al zout genoeg. Giet er dan nog een klein beetje olijfolie bij, en meng alles.
Zet in een voorverwarmde oven op 190°C. Schep nog eens om na 15 minuten, en laat nog 15 minuten verder garen.
Lekker. Geweldig lekker. Beloofd.